Er ligt een kat op het tapijt. Hij beweegt niet. Hij knippert even, draait een oor, zucht inwendig om de opdringerigheid van het bestaan - en verder gebeurt er niets. De mens kijkt ernaar en denkt: „Typisch. Lui vee.“. Maar wat als precies het tegenovergestelde waar is? Wat als de kat niet te langzaam is - maar wij wel? Dit artikel is geschreven nadat ik een video van Gerd Ganteför over dit onderwerp had bekeken en ik vond het zo interessant dat ik het hier wil presenteren.
Mensen observeren dieren al eeuwenlang en komen altijd tot dezelfde verkeerde conclusies. We interpreteren hun gedrag met onze snelheid, onze waarneming, onze innerlijke klok. En deze klok is, nuchter beschouwd, meer een gezellige wandkalender dan een razendsnelle processor. Misschien lijkt de kat alleen zo ongeïnteresseerd omdat zijn omgeving voor hem net zo dynamisch aanvoelt als een rij bij de autoriteiten op vrijdagmiddag.